Chao woont in een stad die almaar groter wordt. Overal verrijzen nieuwe gebouwen, het ene nog hoger dan het andere. Tussen de hoge gebouwen is er nog een heel klein park met een vijver onder de bomen. Bijna niemand komt er nog. Chao wel. Hij gaat elke dag op de rand van de vijver zitten om Karper te begroeten. De vis is altijd blij om de jongen te zien, want hij neemt altijd iets lekkers voor hem mee. Wanneer Chao op een dag een bord aan het hek van het parkje aantreft met de mededeling dat het park sluit om er het hoogste gebouw van de stad te gaan bouwen, vreest hij voor zijn vriend Karper. Bij de glasblazer, zijn tweede beste vriend, doet de geschrokken Chao zijn verhaal. De man komt op het idee om een dierentuin met glazen dieren te maken, waarbij de dieren verhalen vertellen aan de mensen die het park weer zullen koesteren. Hoe ziet de glasblazer dit voor zich? Dieren van glas kunnen toch geen verhalen vertellen?
In De glazen dierentuin (Leopold, 7+) toont Harmen van Straaten de lezer zijn dubbeltalent. Zijn verhaal over vriendschap, verbeeldingskracht en vertelkunst leest als een modern sprookje en met zijn kenmerkende, zwierige tekeningen blaast hij nog meer leven in een heerlijk boek dat door meesters en juffen in groep 4 en 5 po met veel plezier zal worden voorgelezen. Hetzelfde geldt voor papa’s en mama’s van kinderen vanaf 6-7 jaar die voor het slapengaan uit het boek voorlezen, waarbij gezamenlijk kan worden gesmuld van het verhaal en de dikwijls prachtige tekeningen. Van Straaten gebruikte veel blauwtinten, kwetsbaar en doorzichtig als glas. Voor jonge lezers zelf te lezen vanaf 8 jaar.
Reactie plaatsen
Reacties